Analysefrequentie afhankelijk van patiënten onder ECMO: voor patiënten onder ECMO wordt anti-FXa 24u/24u bepaald, waardoor UFH en LMWH 24u/24u kan bepaald worden. In afwezigheid van ECMO patiënten wordt anti-Fxa 2-wekelijks bepaald.
1 mL bloed of 500µL plasma (citraatbuizen echter steeds volledig vullen bij afname)
Transportconditie:
Ingevroren
Bewaarconditie:
Diepvries
Criteria voor aanvaarding of bijaanvraag
Acceptatie:
periode bloedafname - staalontvangst <3 uur
patiëntenlabel aanwezig
in recipiënt zoals aangegeven in de labogids
Bijaanvraag:
<3 uur indien bewaard op KT° of frigo
tot 1 maand in functie van beschikbaarheid van staal indien ingevroren
Analyse
Analysemethode:
Automatische (optische) meting van anti FXa-activiteit met specifieke calibratie.
IVDR status:
CE-IVD test gebruikt volgens instructies fabrikant
Deelname EKE:
Ja
Interferentie:
Lipemische (TG>800 mg/dL), icterische (bilirubine >20 mg/dL) en hemolytische (vrij hemoglobine >300 mg/dL) stalen leiden tot licht vals verlaagde waarden voor anti-Xa (volgens de literatuur zo'n 10% lager). Als alternatief kan een ACT of aPTT meting een idee geven over de concentratie heparine. Andere fX-inhibitoren (bijvoorbeeld DOAC) kunnen tot vals verhoogde waarden leiden.
Interpretatie:
Monitoring van concentratie heparine (ongefractioneerd of LMWH) in bloed.
Eenheid:
IU/mL
Tarificatie
Nomenclatuur:
553313 - 553324 B 1000 Bepaling van anti Xa activiteit voor monitoring van een behandeling met anticoagulantia #(Maximum 1) (Diagnoseregel 107) Bron: RIZIV website op 04/10/2026